Wegenverkeerswet 1994

Inhoud

Artikel 151g

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2026.
  1. Een bestuurder behaalt de basiskwalificatie in Nederland indien:

    1. hij ingezetene is van een lidstaat van de Europese Unie en in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft, of

    2. hij ingezetene is van een land buiten de Europese Unie en werkzaam is voor een in Nederland gevestigde onderneming of beschikt over een tewerkstellingsvergunning als bedoeld in de Wet arbeid vreemdelingen.

  2. Een bestuurder kan de nascholing in Nederland volgen indien hij in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft of in Nederland werkzaam is, dan wel in een andere lidstaat van de Europese Unie indien hij aldaar werkzaam is.

  3. Een bestuurder die in Nederland de basiskwalificatie behaalt of de nascholing met goed gevolg voltooit en in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft, ontvangt het daarbij behorende getuigschrift van vakbekwaamheid dan wel het getuigschrift van nascholing in de vorm van vermelding van de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders bedoelde Uniecode naast de overeenkomstige rijbewijscategorieën op het rijbewijs.

  4. Een bestuurder die in Nederland de basiskwalificatie behaalt of de nascholing met goed gevolg voltooit en op dat moment niet in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft, ontvangt het daarbij behorende getuigschrift van vakbekwaamheid dan wel het getuigschrift van nascholing in de vorm van vermelding van de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders bedoelde Uniecode op een daarbij af te geven kwalificatiekaart bestuurder.

  5. Op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze wordt door het CBR in het in artikel 126 bedoelde register geregistreerd dat een bestuurder die in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft de basiskwalificatie heeft behaald onderscheidenlijk met goed gevolg de nascholing heeft voltooid.

  6. Een erkend opleidingscentrum meldt op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze aan het CBR welke onderdelen van de nascholing een bestuurder met goed gevolg heeft voltooid.

  7. Een in het derde lid bedoeld getuigschrift wordt afgegeven door het CBR en uitgereikt door degene die belast is met de afgifte van rijbewijzen.

  8. Een in het vierde lid bedoeld getuigschrift wordt afgegeven en geregistreerd in het in artikel 126 bedoelde register door het CBR en uitgereikt door de Dienst Wegverkeer.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-01-2025 Historisch 19-06-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-07-2023 Historisch 01-06-2023 Historisch 19-04-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 20-05-2022 Historisch 19-10-2021 Historisch 01-10-2021 Historisch 01-08-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 30-06-2021 Historisch 24-04-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 01-12-2020 Historisch 01-10-2020 Historisch 01-09-2020 Historisch 15-07-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-08-2021.

Tekst van deze versie

  1. Een bestuurder behaalt de basiskwalificatie in Nederland indien:

    1. hij ingezetene is van een lidstaat van de Europese Unie en in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft, of

    2. hij ingezetene is van een land buiten de Europese Unie en werkzaam is voor een in Nederland gevestigde onderneming of beschikt over een tewerkstellingsvergunning als bedoeld in de Wet arbeid vreemdelingen.

  2. Een bestuurder kan de nascholing in Nederland volgen indien hij in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft of in Nederland werkzaam is, dan wel in een andere lidstaat van de Europese Unie indien hij aldaar werkzaam is.

  3. Een bestuurder die in Nederland de basiskwalificatie behaalt of de nascholing met goed gevolg voltooit en in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft, ontvangt het daarbij behorende getuigschrift van vakbekwaamheid dan wel het getuigschrift van nascholing in de vorm van vermelding van de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders bedoelde Uniecode naast de overeenkomstige rijbewijscategorieën op het rijbewijs.

  4. Een bestuurder die in Nederland de basiskwalificatie behaalt of de nascholing met goed gevolg voltooit en op dat moment niet in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft, ontvangt het daarbij behorende getuigschrift van vakbekwaamheid dan wel het getuigschrift van nascholing in de vorm van vermelding van de in de richtlijn vakbekwaamheid bestuurders bedoelde Uniecode op een daarbij af te geven kwalificatiekaart bestuurder.

  5. Op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze wordt door het CBR in het in artikel 126 bedoelde register geregistreerd dat een bestuurder die in Nederland zijn gewone verblijfplaats heeft de basiskwalificatie heeft behaald onderscheidenlijk met goed gevolg de nascholing heeft voltooid.

  6. Een erkend opleidingscentrum meldt op een bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze aan het CBR welke onderdelen van de nascholing een bestuurder met goed gevolg heeft voltooid.

  7. Een in het derde lid bedoeld getuigschrift wordt afgegeven door het CBR en uitgereikt door degene die belast is met de afgifte van rijbewijzen.

  8. Een in het vierde lid bedoeld getuigschrift wordt afgegeven en geregistreerd in het in artikel 126 bedoelde register door het CBR en uitgereikt door de Dienst Wegverkeer.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wegenverkeerswet 1994