Hij die een reisdocument, een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 2 van de Wet identificatieplicht BES of een ander identiteitsbewijs dat afgegeven is door een dienst of organisatie van vitaal of nationaal belang, dat hij voorhanden heeft, waarvan hij niet de houder is, of dat ingevolge een wettelijke bepaling moet worden ingeleverd, niet terstond wanneer hem dit mondeling door een daartoe bevoegde ambtenaar is bevolen, danwel binnen veertien dagen, nadat hem dit bij aangetekend schrijven in persoon is medegedeeld, inlevert, wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie.
Inhoud
Artikel 466b
Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.
01-07-2025
Huidig
15-05-2025
Historisch
01-01-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-01-2022
Historisch
01-05-2021
Historisch
01-01-2021
Historisch
01-08-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
Hij die een reisdocument, een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 2 van de Wet identificatieplicht BES of een ander identiteitsbewijs dat afgegeven is door een dienst of organisatie van vitaal of nationaal belang, dat hij voorhanden heeft, waarvan hij niet de houder is, of dat ingevolge een wettelijke bepaling moet worden ingeleverd, niet terstond wanneer hem dit mondeling door een daartoe bevoegde ambtenaar is bevolen, danwel binnen veertien dagen, nadat hem dit bij aangetekend schrijven in persoon is medegedeeld, inlevert, wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.