-
Baldadigheid tegen personen of goederen, waardoor gevaar, nadeel of ongerief kan worden teweeggebracht, wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie.
-
Indien tijdens het plegen van de overtreding nog geen jaar is verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijke overtreding onherroepelijk is geworden, wordt hij gestraft met hechtenis van ten hoogste drie dagen of geldboete van de eerste categorie.
Wetboek van Strafrecht BES Actueel
Inhoud
Titel I
Artikel 440
Met hechtenis van ten hoogste zes dagen of geldboete van de eerste categorie wordt gestraft:
- 1°
hij die een dier aanhitst op een mensch, op een dier dat bereden wordt of op een dier dat voor een rij- of voertuig gespannen is;
- 2°
hij die een onder zijne hoede staand dier, wanneer het een mensch, een dier dat bereden wordt of een dier dat voor een rij- of voertuig gespannen is, aanvalt, niet terughoudt;
- 3°
hij die geene voldoende zorg draagt voor het onschadelijk houden van een onder zijne hoede staand gevaarlijk dier.
Artikel 441
Hij die, belast met het toezicht over een psychiatrische patiënt, gevaarlijk voor zich zelven of voor anderen, dezen zonder opzicht laat rondwaren, wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie.
Artikel 442
-
Hij die, terwijl hij in staat van dronkenschap verkeert, hetzij in het openbaar het verkeer belemmert of de orde verstoort, hetzij eens anders veiligheid bedreigt, hetzij eenige handeling verricht waarbij, tot voorkoming van gevaar voor leven of gezondheid van derden, bijzondere omzichtigheid of voorzorgen worden vereischt, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes dagen of een geldboete van de eerste categorie.
-
Indien tijdens het plegen van de overtreding nog geen jaar is verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijke of de in* artikel 474 omschreven overtreding onherroepelijk is geworden, wordt hij gestraft met hechtenis van ten hoogste twee weken.
Artikel 443
Hij die wederrechtelijk op den openbaren weg een ander in zijne vrijheid van beweging belemmert of met een of meer anderen zich aan een ander tegen diens uitdrukkelijk verklaarden wil blijft opdringen of hem op hinderlijke wijze blijft volgen, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste eene maand of geldboete van de eerste categorie.
Artikel 444
Met geldboete van de eerste categorie wordt gestraft:
- 1°
hij die niet zorgt dat eene door hem of op zijn last op een openbaren weg gedane op- of uitgraving of een door hem of op zijn last op den openbaren weg geplaatst voorwerp behoorlijk verlicht en van de gebruikelijke teekenen voorzien is;
- 2°
hij die bij eene verrichting op of aan den openbaren weg niet de noodige maatregelen neemt om voorbijgangers tegen mogelijk gevaar te waarschuwen;
- 3°
hij die iets plaatst op of aan, of werpt of uitgiet uit een gebouw op zoodanige wijze dat door of ten gevolge daarvan iemand die van den openbaren weg gebruik maakt, nadeel kan ondervinden;
- 4°
hij die op den openbaren weg een rij-, trek- of lastdier laat staan, zonder de noodige voorzorgsmaatregelen tegen het aanrichten van schade te hebben genomen.
Artikel 445
Hij die zonder verlof van het bevoegd gezag eenigen openbaren land- of waterweg verspert of het verkeer daarop belemmert, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van de eerste categorie.
Artikel 446
Hij die zonder verlof van de gezaghebber een of meer eigen onroerende zaken of een eigen vaartuig in brand steekt, wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie.
Deze bepaling is niet van toepassing op het buiten Willemstad in brand steken van boomen of gewassen.
Artikel 447
Met hechtenis van ten hoogste zes weken of geldboete van de eerste categorie wordt gestraft:
- 1°
hij die zonder genoegzame voorzorg vuur op de zeestranden aanbrengt of achterlaat;
- 2°
hij die zonder genoegzame voorzorg vuur op terreinen van anderen, niet vallende onder die sub 1° bedoeld, aanbrengt of achterlaat;
- 3°
hij die zonder genoegzame voorzorg vuur op eigen onbebouwd terrein aanbrengt of achterlaat; Onder eigen terrein wordt hier begrepen terrein waarvan hij, door wien of op wiens last het vuur is aangebracht of achtergelaten, recht van gebruik of genot heeft.
- 4°
hij die zonder noodzaak vuur in of nabij beplantingen van anderen aanbrengt.
Artikel 448
Met hechtenis van ten hoogste veertien dagen of geldboete van de eerste categorie wordt gestraft:
- 1°
hij die een vuurwapen afschiet, een vuurwerk ontsteekt of een vuur aanlegt, voedt of onderhoudt op zoo korten afstand van gebouwen of goederen dat daardoor brandgevaar kan ontstaan;
- 2°
hij die een luchtbol oplaat, waarvan brandende stoffen gehecht zijn;
- 3°
hij die door gebrek aan de noodige omzichtigheid of voorzorg gevaar voor bosch- of grasbrand doet ontstaan;
- 4°
hij die zich zodanig gedraagt dat gevaar voor het luchtverkeer wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer in de lucht wordt gehinderd of kan worden gehinderd.
Artikel 448a
-
Hij die voorwerpen binnen een gesticht of een afdeling daarvan waarop de Wet beginselen gevangeniswezen BES van toepassing is, brengt of tracht te brengen waarvan het bezit binnen dat gesticht of die afdeling verboden is, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
-
Met dezelfde straf wordt gestraft hij die niet overeenkomstig de daarvoor geldende regels voorwerpen binnen een gesticht of afdeling als bedoeld in het eerste lid brengt of tracht te brengen.