1. De bevoegde autoriteiten, de CSIRT’s en het centrale contactpunt werken met elkaar samen voor de doeltreffende en doelmatige uitvoering van hun taken uit hoofde van deze wet en wisselen daartoe onderling alle daarvoor noodzakelijke gegevens uit, waaronder persoonsgegevens.

  2. De bevoegde autoriteiten, de CSIRT’s en het centrale contactpunt werken voor de doeltreffende en doelmatige uitvoering van hun taken uit hoofde van deze wet samen met de volgende instanties in Nederland en wisselen in het kader van die samenwerking alle daarvoor noodzakelijke gegevens uit, waaronder persoonsgegevens:

    1. de politie, het openbaar ministerie en de bijzondere opsporingsdiensten, genoemd in artikel 2 van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten;

    2. de Autoriteit persoonsgegevens;

    3. de nationale bevoegde autoriteiten, bedoeld in de Verordening (EG) nr. 300/2008 en Verordening (EU) 2018/1139;

    4. Onze Minister van Economische Zaken uit hoofde van de Verordening (EU) nr. 910/2014;

    5. de bevoegde autoriteiten uit hoofde van de Verordening (EU) 2022/2554;

    6. Onze Minister van Economische Zaken uit hoofde van de Richtlijn (EU) 2018/1972;

    7. de bevoegde autoriteiten, bedoeld in artikel 8 van de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten;

    8. de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, bedoeld in de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017; en

    9. de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen autoriteiten.

  3. Indien Nederland wordt onderworpen aan een collegiale toetsing als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de NIS2-richtlijn, wisselen de bevoegde autoriteiten, de CSIRT’s en het centrale contactpunt met de cyberbeveiligingsdeskundigen, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de NIS2-richtlijn, de informatie uit die noodzakelijk is voor de door de cyberbeveiligingsdeskundigen uit te voeren collegiale toetsing.