Besluit houders van dieren

Inhoud

Artikel 2.46a

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2026.
  1. Een houder van een rund, dat na een dracht van meer dan 100 dagen een of meer vruchten ter wereld heeft gebracht, laat bij dat dier binnen een week nadat die vrucht of vruchten ter wereld zijn gebracht een bloedmonster nemen en laat die monsters onderzoeken op de aanwezigheid van antilichamen tegen brucellose, indien die vrucht of vruchten spontaan meer dan 21 dagen eerder dan de gemiddelde draagtijd van het desbetreffende runderras ter wereld zijn gebracht.

  2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:

    1. de monstername en het onderzoek, bedoeld in het eerste lid; en

    2. administratie van de bemonstering.

07-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 12-12-2023 Historisch 07-10-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 22-12-2022 Historisch 05-05-2022 Historisch 11-03-2022 Historisch 01-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-11-2021 Historisch 21-04-2021 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 21-04-2021.

Tekst van deze versie

  1. Een houder van een rund, dat na een dracht van meer dan 100 dagen een of meer vruchten ter wereld heeft gebracht, laat bij dat dier binnen een week nadat die vrucht of vruchten ter wereld zijn gebracht een bloedmonster nemen en laat die monsters onderzoeken op de aanwezigheid van antilichamen tegen brucellose, indien die vrucht of vruchten spontaan meer dan 21 dagen eerder dan de gemiddelde draagtijd van het desbetreffende runderras ter wereld zijn gebracht.

  2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:

    1. de monstername en het onderzoek, bedoeld in het eerste lid; en

    2. administratie van de bemonstering.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Besluit houders van dieren