Besluit houders van dieren Actueel

Inhoud

§ 8.2

Bijeenbrengen voor vervoer binnen Nederland

Artikel 1.40

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de toepasselijkheid van artikel 97, eerste lid, onderdelen a, b, c, d en e, van verordening (EU) nr. 2016/429 en de krachtens het tweede lid, onderdelen a, c, d en e, van dat artikel vastgestelde gedelegeerde verordening op inrichtingen voor de verzameling van hoefdieren van waaruit slechts dieren worden verplaatst naar een inrichting in Nederland en die slechts dieren ontvangen van een inrichting in Nederland.

Artikel 1.41

  1. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de toepasselijkheid van de krachtens artikel 135 van verordening (EU) nr. 2016/429 vastgestelde gedelegeerde verordening op het verzamelen van uit Nederland afkomstige dieren die worden vervoerd naar een inrichting in Nederland.

  2. In aanvulling op de regels, bedoeld in het eerste lid, kunnen bij ministeriële regeling regels worden gesteld met betrekking tot:

    1. het verzamelen van bepaalde diersoorten of diercategorieën;

    2. het aantal toegestane verzamelingen;

    3. de herkomst, bestemming of eindbestemming van de dieren;

    4. het melden van bepaalde houderijen bij Onze Minister;

    5. de registratie van verplaatsing van dieren;

    6. de aanvang en het einde van de periode waarin dieren op een verzamelcentrum worden gehouden;

    7. de reiniging en ontsmetting na een verzamelperiode.

Artikel 1.42

Artikel 126, tweede lid, van verordening (EU) nr. 2016/429 is van overeenkomstige toepassing op het verplaatsen van evenhoevigen en pluimvee van een inrichting in Nederland naar een andere inrichting in Nederland.

Artikel 1.43

  1. In aanvulling op de gegevens, bedoeld in artikel 104 van verordening (EU) nr. 2016/429, houdt een vervoerder die hoefdieren of pluimvee telkens uitsluitend binnen Nederland vervoert, over elk vervoermiddel de volgende gegevens bij:

    1. het kenteken- of registratienummer;

    2. de data en de tijdstippen waarop de dieren bij de inrichting van oorsprong worden ingeladen;

    3. de naam, het adres en het unieke registratie- of erkenningsnummer van elke bezochte inrichting;

    4. de data en tijdstippen waarop de dieren bij de inrichting van bestemming worden uitgeladen;

    5. de data en plaatsen van de reiniging, ontsmetting en desinfestatie van vervoermiddelen;

    6. de referentienummers van de documenten die de dieren vergezellen.

  2. Een vervoerder bewaart de gegevens, bedoeld in het eerste lid, drie jaar.

← terug naar Besluit houders van dieren