Besluit houders van dieren

Inhoud

Artikel 5.9

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 07-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 07-07-2026.
  1. Het toebrengen van de halssnede geschiedt met een mes dat te allen tijde zeer scherp en gaaf is.

  2. Het mes dat voor het toebrengen van de halssnede wordt gebruikt, wordt na iedere snede gereinigd.

  3. De lengte van het mes dat voor het toebrengen van de halssnede wordt gebruikt, is minimaal anderhalf tot twee keer de breedte van de hals.

  4. De halssnede wordt met een ononderbroken, vloeiende beweging uitgevoerd, met als doel het dier zo snel mogelijk te verbloeden.

  5. Ingeval een dier een te dikke vacht heeft waardoor de halssnede minder gemakkelijk kan worden uitgevoerd, wordt de hals van het dier ter plaatse van de halssnede geschoren dan wel op een andere wijze geschikt gemaakt voor het uitvoeren van de halssnede.

  6. In afwijking van het derde lid, mag de halssnede worden toegebracht met een kleiner mes, mits voorkomen wordt dat de punt van het mes in de wondrand prikt.

07-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 12-12-2023 Historisch 07-10-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 22-12-2022 Historisch 05-05-2022 Historisch 11-03-2022 Historisch 01-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-11-2021 Historisch 21-04-2021 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 21-04-2021.

Tekst van deze versie

  1. Het toebrengen van de halssnede geschiedt met een mes dat te allen tijde zeer scherp en gaaf is.

  2. Het mes dat voor het toebrengen van de halssnede wordt gebruikt, wordt na iedere snede gereinigd.

  3. De lengte van het mes dat voor het toebrengen van de halssnede wordt gebruikt, is minimaal anderhalf tot twee keer de breedte van de hals.

  4. De halssnede wordt met een ononderbroken, vloeiende beweging uitgevoerd, met als doel het dier zo snel mogelijk te verbloeden.

  5. Ingeval een dier een te dikke vacht heeft waardoor de halssnede minder gemakkelijk kan worden uitgevoerd, wordt de hals van het dier ter plaatse van de halssnede geschoren dan wel op een andere wijze geschikt gemaakt voor het uitvoeren van de halssnede.

  6. In afwijking van het derde lid, mag de halssnede worden toegebracht met een kleiner mes, mits voorkomen wordt dat de punt van het mes in de wondrand prikt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Besluit houders van dieren