Omgevingsregeling

Inhoud

Artikel 12.12

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.

In de zone zuid, bedoeld in artikel 2.39, onder c, liggen ten minste de volgende aantallen monitoringspunten voor het meten van de concentraties van de daarbij genoemde stoffen:

  1. één voor zwaveldioxide;

  2. drie voor stikstofdioxide;

  3. zes voor PM10;

  4. vier voor PM2,5,

  5. één voor lood; en

  6. zes voor ozon, waarvan:

    1. één op de locatie waar de bevolking vermoedelijk aan de hoogste concentraties wordt blootgesteld; en

    2. drie ook voor stikstofdioxide worden gebruikt.

01-07-2026 Huidig 27-06-2026 Historisch 29-05-2026 Historisch 28-05-2026 Historisch 01-04-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 07-10-2025 Historisch 01-10-2025 Historisch 02-08-2025 Historisch 12-07-2025 Historisch 08-07-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 18-06-2025 Historisch 09-06-2025 Historisch 01-04-2025 Historisch 08-03-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 15-06-2024 Historisch 25-05-2024 Historisch 01-04-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2024.

Tekst van deze versie

In de zone zuid, bedoeld in artikel 2.39, onder c, liggen ten minste de volgende aantallen monitoringspunten voor het meten van de concentraties van de daarbij genoemde stoffen:

  1. één voor zwaveldioxide;

  2. drie voor stikstofdioxide;

  3. zes voor PM10;

  4. vier voor PM2,5,

  5. één voor lood; en

  6. zes voor ozon, waarvan:

    1. één op de locatie waar de bevolking vermoedelijk aan de hoogste concentraties wordt blootgesteld; en

    2. drie ook voor stikstofdioxide worden gebruikt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Omgevingsregeling