De regels in deze paragraaf zijn van toepassing op de keuring van airconditioningsystemen, bedoeld in paragraaf 6.5.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, en verwarmingssystemen, bedoeld in paragraaf 6.5.4, van het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Omgevingsregeling Actueel
Inhoud
§ 5.1.3
Artikel 5.18
-
De keuring van een airconditioningsysteem of gecombineerd airconditioning- en ventilatiesysteem met een nominaal vermogen van meer dan 70 kW, wordt verricht door deskundigen met een diploma EPBD A-airconditioningsystemen en een diploma EPBD-B airconditioningsystemen.
-
De keuring wordt gedaan volgens de inspectiemethodiek zoals opgenomen in bijlage XI.
-
Het keuringsverslag van een in het eerste lid bedoelde keuring wordt opgesteld door een deskundige met het diploma EPBD B-airconditioningsystemen.
-
De deskundige:
registreert de datum van de keuring van het systeem in het bij het systeem behorende logboek;
verstrekt het keuringsverslag binnen vier weken na de keuring aan de opdrachtgever; en
meldt de keuring binnen vier weken nadat deze is verricht af bij een door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangewezen instantie.
-
De deskundige en de opdrachtgever bewaren het keuringsverslag ten minste vijf jaar.
Artikel 5.18a
-
Een technisch bouwsysteem dat zowel ruimteverwarming als ruimtekoeling verzorgt en waarbij de warmtegenerator nuttige warmte genereert door het opvangen van warmte uit de lucht, ventilatie van afvoerlucht of een water- of aardwarmtebron met een warmtepomp wordt alleen gekeurd volgens artikel 6.37 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.
-
Een technisch bouwsysteem met een ventiliatiesysteem gecombineerd met zowel een verwarmingssysteem als een airconditioningsysteem wordt alleen gekeurd volgens artikel 6.37 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.
-
Een ventilatiesysteem als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt alleen gekeurd als dit het primaire afgiftesysteem is voor ruimteverwarming of ruimtekoeling.
Artikel 5.19
-
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wijst de instellingen aan die zijn belast met:
het afnemen van het examen airconditioningsysteemdeskundige;
het afnemen van het herexamen; en
het afnemen van het bijscholingsexamen.
-
Een exameninstelling voor airconditioningsysteemdeskundigen:
bezit rechtspersoonlijkheid;
heeft een vestiging in Nederland;
beschikt over voldoende deskundigheid om examens op te stellen en af te nemen;
beschikt over een kwaliteitssysteem dat op schrift is gesteld; en
beschikt over faciliteiten om examens af te nemen.
-
De minister kan een adviescommissie instellen die adviseert over de beoordeling van de deskundigheid, bedoeld in het tweede lid, onder c.
-
De adviescommissie bestaat uit ten minste drie en ten hoogste zeven leden.
-
De minister kan aan de aanwijzing voorschriften verbinden.
-
De minister kan de aanwijzing intrekken als een exameninstelling niet voldoet aan de in het tweede lid bedoelde eisen of de aan de aanwijzing verbonden voorschriften.
Artikel 5.20
-
Een exameninstelling voor airconditioningsysteemdeskundige stelt een examenreglement en een huishoudelijk reglement vast.
-
Een exameninstelling treft doeltreffende maatregelen om fraude bij het examen te voorkomen.
-
Een exameninstelling verstrekt op verzoek aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties alle inlichtingen die hij voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. De minister kan inzage vorderen van alle zakelijke gegevens en bescheiden die hij voor de vervulling van zijn taak nodig heeft.
-
Als een exameninstelling niet voldoet aan een of meer van haar verplichtingen, bericht zij dit onverwijld schriftelijk aan de minister.
Artikel 5.21
-
Het examen airconditioningsysteemdeskundige bestaat uit theorietoetsen en praktijktoetsen als bedoeld in bijlage XII.
-
De exameninstelling bericht de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties binnen drie weken welke deelnemers het examen met goed gevolg hebben afgelegd.
-
Na ontvangst van het bericht geeft de minister het diploma EPBD A-airconditioningsystemen of het diploma EBPD B-airconditioningsystemen af aan de deelnemers.
-
De exameninstelling registreert de uitslagen van de afgelegde examens.
Artikel 5.22
-
Als een deelnemer bij een of meer onderdelen van het examen airconditioningsysteemdeskundige in onvoldoende mate voldoet aan de in bijlage XII opgenomen eisen, wordt de deelnemer een keer in de gelegenheid gesteld een herexamen te doen voor dat onderdeel of die onderdelen.
-
Het herexamen vindt plaats binnen zes maanden nadat de deelnemer van de uitslag van het afgelegde examen op de hoogte is gesteld.
-
De artikelen 5.20, tweede lid, en 5.21 zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 5.23
-
Een diploma voor airconditioningsysteemdeskundige vermeldt ten minste:
de volledige naam, geboortedatum en geboorteplaats van de houder van het diploma;
de datum van afgifte en de ondertekening door de minister; en
de geldigheidsduur.
-
Een diploma is vijf jaar geldig.
Artikel 5.24
-
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties registreert:
aan welke personen een diploma EPBD A-airconditioningsystemen of een diploma EBPD B-airconditioningsystemen is afgegeven;
de datum van afgifte van het diploma; en
de geldigheidsduur van het diploma.
-
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beheert de registratie.
-
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verwerkingsverantwoordelijke voor de registratie.
-
De gegevens uit de registratie worden door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gesteld op www.rvo.nl.
-
De gegevens in de registratie worden zeven jaar bewaard.
Artikel 5.25
-
Een airconditioningsysteemdeskundige kan een bijscholingsexamen afleggen tot uiterlijk twee jaar nadat de geldigheidsduur van het diploma is verstreken.
-
De artikelen 5.20, tweede lid, 5.21 en 5.22 zijn van overeenkomstige toepassing, waarbij in plaats van examen wordt gelezen: bijscholingsexamen.
-
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verlengt de geldigheidsduur van een diploma met vijf jaar als een airconditioningsysteemdeskundige voldoet aan de in bijlage XIII opgenomen eisen zoals blijkt uit een bijscholingsexamen.
-
De minister geeft een getuigschrift af van de verlenging, bedoeld in het derde lid.
-
Het eerste en derde lid en de artikelen 5.23 en 5.24 zijn van overeenkomstige toepassing, waarbij in plaats van diploma wordt gelezen: getuigschrift.
Artikel 5.27
-
Het verslag van de keuring van een verwarmingssysteem, bedoeld in artikel 6.42 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, wordt ten minste zes jaar bewaard.
-
Degene die de keuring verricht, meldt deze binnen vier weken na het verrichten ervan af bij een door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangewezen instantie.