Omgevingsregeling

Inhoud

Artikel 3.46

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-07-2024.

Een certificatieschema schrijft in ieder geval voor dat bij het uitvoeren van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 6.45, tweede lid, van het Besluit bouwwerken leefomgeving:

  1. een certificaathouder voorafgaand aan de werkzaamheden een meting van de concentratie koolmonoxide in de opstellingsruimte van het toestel uitvoert;

  2. een certificaathouder de gasverbrandingsinstallatie niet eerder in bedrijf stelt dan nadat hij de concentratie koolmonoxide in de opstellingsruimte van het toestel heeft gemeten en deze concentratie lager dan 5 ppm is;

  3. een certificaathouder, wanneer de gasverbrandingsinstallatie daar een voorziening voor heeft, de gasverbrandingsinstallatie niet eerder in bedrijf stelt dan nadat hij de concentratie koolmonoxide in de verbrandingsgassen van het toestel heeft gemeten en de concentratie niet hoger is dan:

    1. 50 ppm in het geval van een open, afvoerloos gasverbrandingstoestel;

    2. 200 ppm in het geval van een open, afvoergebonden gasverbrandingstoestel; of

    3. 400 ppm in het geval van een gesloten gasverbrandingstoestel;

  4. door de certificaathouder wordt gecontroleerd of het gebruiksvoorschrift van het gasverbrandingstoestel aanwezig is en dat zij, als dit niet het geval is, de gebruiker of bewoner wijzen op het ontbreken van deze informatie; en

  5. de certificaathouder de werkzaamheden uitvoert volgens de installatie- en onderhoudsvoorschriften van de leverancier of de fabrikant van de installatie, voor zover de voorschriften niet in strijd zijn met hetgeen in deze afdeling is bepaald.

01-07-2026 Huidig 27-06-2026 Historisch 29-05-2026 Historisch 28-05-2026 Historisch 01-04-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 07-10-2025 Historisch 01-10-2025 Historisch 02-08-2025 Historisch 12-07-2025 Historisch 08-07-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 18-06-2025 Historisch 09-06-2025 Historisch 01-04-2025 Historisch 08-03-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 15-06-2024 Historisch 25-05-2024 Historisch 01-04-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2024.

Tekst van deze versie

Een certificatieschema schrijft in ieder geval voor dat bij het uitvoeren van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 6.45, tweede lid, van het Besluit bouwwerken leefomgeving:

  1. een certificaathouder voorafgaand aan de werkzaamheden een meting van de concentratie koolmonoxide in de opstellingsruimte van het toestel uitvoert;

  2. een certificaathouder de gasverbrandingsinstallatie niet eerder in bedrijf stelt dan nadat hij de concentratie koolmonoxide in de opstellingsruimte van het toestel heeft gemeten en deze concentratie lager dan 5 ppm is;

  3. een certificaathouder, wanneer de gasverbrandingsinstallatie daar een voorziening voor heeft, de gasverbrandingsinstallatie niet eerder in bedrijf stelt dan nadat hij de concentratie koolmonoxide in de verbrandingsgassen van het toestel heeft gemeten en de concentratie niet hoger is dan:

    1. 50 ppm in het geval van een open, afvoerloos gasverbrandingstoestel;

    2. 200 ppm in het geval van een open, afvoergebonden gasverbrandingstoestel; of

    3. 400 ppm in het geval van een gesloten gasverbrandingstoestel;

  4. door de certificaathouder wordt gecontroleerd of het gebruiksvoorschrift van het gasverbrandingstoestel aanwezig is en dat zij, als dit niet het geval is, de gebruiker of bewoner wijzen op het ontbreken van deze informatie; en

  5. de certificaathouder de werkzaamheden uitvoert volgens de installatie- en onderhoudsvoorschriften van de leverancier of de fabrikant van de installatie, voor zover de voorschriften niet in strijd zijn met hetgeen in deze afdeling is bepaald.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Omgevingsregeling