Een omgevingsplan bepaalt dat de waarden voor het geluid door een activiteit:
op een geluidgevoelig gebouw, anders dan een woonschip of woonwagen, gelden:
- 1°
op de gevel, als het gaat om een geluidgevoelig gebouw; en
- 2°
op de locatie waar een gevel mag komen, als het gaat om een nieuw te bouwen geluidgevoelig gebouw;
- 1°
op een woonschip of woonwagen gelden op de begrenzing van de locatie voor het plaatsen van dat woonschip of die woonwagen; en
in een geluidgevoelige ruimte gelden in de geluidgevoelige ruimte.