-
Het bevoegd gezag betaalt het exploitatie-overschot terug aan Onze Minister:
indien een openbare school op grond van artikel 4.24 of 4.27 wordt opgeheven;
indien de bekostiging van een bijzondere school op grond van artikel 4.24 of 4.27 wordt beëindigd; of
indien een school door een beslissing van het bevoegd gezag wordt opgeheven en deze opheffing is gerealiseerd.
-
Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder school ook verstaan: een aan een school verbonden afdeling als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, onderdeel b.
-
Een tekort op de exploitatie blijft in deze gevallen voor rekening van het bevoegd gezag.
-
Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor de berekening van het exploitatie-overschot.
Wet voortgezet onderwijs 2020 Actueel
Inhoud
Paragraaf 6
Artikel 5.38
-
Het bevoegd gezag van een niet door de gemeente in stand gehouden school houdt een nauwkeurige boekhouding bij van alle inkomsten en uitgaven.
-
Het bevoegd gezag geeft op verzoek inzage in de boeken en bescheiden aan ambtenaren die Onze Minister heeft aangewezen.
-
Het bevoegd gezag bewaart de administratie en de bescheiden die daartoe behoren gedurende zeven jaar.
Artikel 5.39
-
Het bevoegd gezag besteedt de verstrekte bekostiging en de ontvangen bedragen voor de school overeenkomstig het tweede tot en met zesde lid.
-
De bedragen die zijn betaald voor voorzieningen in de huisvesting worden zodanig aangewend dat een behoorlijke en deugdelijke totstandkoming van deze voorzieningen is verzekerd. Zijn de bedragen na realisatie van deze voorzieningen niet volledig aangewend, dan kan het resterende deel daarvan worden aangewend voor de kosten van personeel of exploitatie.
-
Het bevoegd gezag besteedt de bekostiging die is verstrekt aan de kosten van personeel van de school of de kosten voor voorzieningen in de exploitatie van de school. Bij een overschot op die bedragen kan het bevoegd gezag dat overschot besteden aan voorzieningen in de huisvesting als bedoeld in artikel 6.2.
-
Het bevoegd gezag kan de bekostiging die is verstrekt voor de kosten van personeel van de school of de kosten voor voorzieningen in de exploitatie van de school ook besteden aan de kosten van personeel of voorzieningen in de exploitatie van:
een andere school voor voortgezet onderwijs, met uitzondering van een school die niet uit ‘s Rijks kas wordt bekostigd;
een samenwerkingsverband;
een scholengemeenschap of verticale scholengemeenschap;
een basisschool of een speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de WPO;
een school voor speciaal onderwijs, voor voortgezet speciaal onderwijs of voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs; of
een instelling voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs.
-
Het bevoegd gezag besteedt de bekostiging die op grond van artikel 5.23 of 5.24 is ontvangen van de gemeente aan het doel waarvoor zij is verstrekt.
-
Het bevoegd gezag besteedt de ontvangen overschrijdingsbedragen aan het onderwijs aan de scholen van het bevoegd gezag.
-
Het bevoegd gezag kan met het bevoegd gezag waarmee het een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten als bedoeld in artikel 2.100 overeenkomen om een deel van de bekostiging over te dragen.
Artikel 5.40
Het samenwerkingsverband besteedt de bekostiging die is verstrekt voor personeelskosten en exploitatiekosten uitsluitend aan personeelskosten of exploitatiekosten.
Artikel 5.41
Het bevoegd gezag besteedt de bedragen en bekostiging, bedoeld in artikel 5.39, niet aan contractactiviteiten.
Artikel 5.42
Indien een leerling in de loop van het schooljaar de school verlaat zonder de opleiding te hebben voltooid, en aansluitend wordt ingeschreven als leerling aan een andere school of als mbo-student of vavo-student aan een instelling voor educatie en beroepsonderwijs, kan het bevoegd gezag van de school met het bevoegd gezag van die andere school of die instelling overeenkomen om een deel van de bekostiging over te dragen aan dat andere bevoegd gezag.
Artikel 5.42a
In afwijking van artikel 5.39 kan het bevoegd gezag van de school met het bevoegd gezag van de instelling voor beroepsonderwijs waarmee het een samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten als bedoeld in artikel 2.107b, tweede lid, overeenkomen om vanwege een doorlopende leerroute vmbo-mbo als bedoeld in artikel 2.107a, tweede lid, of de geïntegreerde route vmbo-basisberoepsopleiding, bedoeld in artikel 2.107l, tweede lid, een deel van de bekostiging over te dragen aan dat andere bevoegd gezag.
Artikel 5.43
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over het door het bevoegd gezag uitzetten van gelden, het aangaan van geldleningen en het aangaan van verbintenissen voor financiële producten.
Artikel 5.43a
Het bevoegd gezag beheert de middelen van de school op zodanige wijze dat het voortbestaan van de school is verzekerd.
Artikel 5.44
-
De gemeente vergoedt de kosten van herstel van schade aan gebouwen, terreinen en roerende zaken waarvoor de scholen bekostiging ontvangen, tenzij:
die schade wordt toegebracht door schuld of nalatigheid van de rechtspersoon die de school in stand houdt; of
de rechtspersoon die de school in stand houdt een beroep kan doen op een verzekering waarvoor de premie voor vergoeding in aanmerking komt, of indien de gemeente voor de vergoeding van die schade een collectieve verzekering heeft afgesloten, voor zover die collectieve verzekering de schade dekt.
-
Indien schade die is ontstaan aan gebouwen, terreinen of roerende zaken van een school in aanmerking komt voor vergoeding door de gemeente, treedt de gemeente op het moment van een uitdrukkelijk besluit tot vergoeding in alle rechten van de rechtspersoon die de school in stand houdt tegenover derden met betrekking tot die schade.
Artikel 5.45
-
Onze Minister verstrekt de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven, bedoeld in artikel 1.1.1 WEB, binnen de grenzen van de middelen die de begrotingswetgever beschikbaar heeft gesteld, subsidie voor de uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 2.105, tweede lid.
-
De subsidie wordt per boekjaar verstrekt. De artikelen 5.2.7 en 5.2.8 WEB zijn van overeenkomstige toepassing.