De IND merkt voor Libië uitsluitend de volgende risicogroepen aan:
(vermeende) opposanten van een feitelijke machthebber, inclusief gewapende groeperingen en milities;
mensenrechtenactivisten en mensenrechtenadvocaten;
leden van het justitieel apparaat;
vrouwen die maatschappelijk of politiek actief zijn;
journalisten;
werknemers van non-gouvernementele organisaties;
LHBT’s;
(bekeerde) christenen;en
Gaddafi-loyalisten die voorafgaand aan vertrek uit Libië hun normale woonplaats hadden in gebieden waar milities en brigades die behoren tot de voormalige GNA de macht hebben.
Ad j.
De IND beschouwt in ieder geval vreemdelingen die behoren tot de volgende stammen als Gaddafi-loyalisten:
Warfalla;
Warshefana;
Si’an;
Tarhuna;
Tawergha’s;
Gwelish;
Mashashiya’s;
Toearegs; en
Tobu’s.