Zodra is vastgesteld dat Nederland verantwoordelijk is voor de asielaanvraag, wordt als eerst beoordeeld of er een concrete aanwijzing is dat een van de gronden van artikel 38, eerste lid Procedureverordening van toepassing is. Als dit het geval is, is er sprake van de ontvankelijkheidsprocedure. Voor volgende aanvragen als bedoeld in artikel 38, tweede lid Procedureverordening gelden specifieke regels, zie paragraaf C2/5 Vc. De ontvankelijkheidsprocedure moet in beginsel binnen twee maanden worden afgerond. Deze termijn kan met twee maanden worden verlengd.
Behandeling van de aanvraag als er sprake is van internationale bescherming in een EU-lidstaat
Als uit informatie uit de OVA-fase blijkt dat de aanvrager al internationale bescherming in een andere lidstaat heeft, kan er op basis van artikel 13, elfde lid, Procedureverordening afgezien worden van het persoonlijk onderhoud. De IND informeert in dat geval de vreemdeling of, indien aanwezig, zijn gemachtigde dat er voldoende informatie is om een beslissing te nemen zonder persoonlijk onderhoud. De vreemdeling heeft één week de tijd om hierop te reageren. Vervolgens wordt op de aanvraag beslist.