Vreemdelingencirculaire 2000 (C) Actueel

Inhoud

22.3

Vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag (artikel 13 Kwalificatieverordening)

Artikel 22.3.1

Groepsvervolging in de zin van paragraaf C3/3.2.3 Vc

Geen bijzonderheden.

Artikel 22.3.2

Risicoprofielen in de zin van paragraaf C3/2.4 Vc

De IND merkt voor Libië uitsluitend de volgende risicoprofielen aan:

  1. (vermeende) opposanten van een feitelijke machthebber, inclusief gewapende groeperingen en milities;

  2. mensenrechtenactivisten en mensenrechtenadvocaten;

  3. leden van het justitieel apparaat;

  4. vrouwen die maatschappelijk of politiek actief zijn;

  5. journalisten;

  6. werknemers van non-gouvernementele organisaties;

  7. LHBTIQ+;

  8. (bekeerde) christenen; en

  9. Gaddafi-loyalisten die voorafgaand aan vertrek uit Libië hun normale woonplaats hadden in gebieden waar milities en brigades die behoren tot de voormalige GNA de macht hebben.

Artikel 22.3.2.1

Toelichting Gaddafi-loyalisten

De IND beschouwt in ieder geval vreemdelingen die behoren tot de volgende stammen als Gaddafi-loyalisten:

  1. Warfalla;

  2. Warshefana;

  3. Si’an;

  4. Tarhuna;

  5. Tawergha’s;

  6. Gwelish;

  7. Mashashiya’s;

  8. Toearegs; en

  9. Tobu’s.

← terug naar Vreemdelingencirculaire 2000 (C)