Als er ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat een vreemdeling oorlogsmisdrijven of andere ernstige misdrijven heeft gepleegd, dan zijn op grond van artikel 1F de bepalingen van het Vluchtelingenverdrag niet op deze vreemdeling van toepassing.
De IND verleent in dat geval de vreemdeling geen verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (zie paragraaf C2/7.10.2 Vc).