Besluit activiteiten leefomgeving

Inhoud

Artikel 9.25

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 11-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 11-07-2026.
  1. Met het oog op een veilig en doelmatig gebruik van de hoofdspoorweg of bijzondere spoorweg wordt een kabel of leiding in een sleuf, koker of goot op een diepte van ten minste 0,6 m gelegd.

  2. Kabels en leidingen worden zoveel mogelijk geconcentreerd en gebundeld gelegd.

  3. Als een kabel of leiding parallel aan andere kabels, leidingen of beschermbuizen wordt gelegd, wordt deze op een afstand van ten minste 0,2 m vanaf die kabels, leidingen of beschermbuizen gelegd, gemeten vanaf de buitenzijde van de kabel of leiding.

  4. Als andere kabels of leidingen worden gekruist:

    1. wordt de kabel of leiding onder de bestaande kabels en leidingen aangelegd;

    2. wordt de kabel of leiding op een afstand van ten minste 0,2 m vanaf de bestaande kabels en leidingen gelegd, gemeten vanaf de buitenzijde van de kabel, leiding of beschermbuis; en

    3. wordt de kabel of leiding aangelegd in een beschermbuis als de afstand tot de bestaande kabels, leidingen of mantelbuizen minder dan 0,8 m is, waarbij de buitenzijde van de beschermbuis tot ten minste 0,8 m voorbij de buitenzijde van de bestaande kabels, leidingen of beschermbuizen reikt.

11-07-2026 Huidig 01-07-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 30-12-2025 Historisch 20-09-2025 Historisch 18-08-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 18-06-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 26-10-2024 Historisch 02-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 07-05-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2024.

Tekst van deze versie

  1. Met het oog op een veilig en doelmatig gebruik van de hoofdspoorweg of bijzondere spoorweg wordt een kabel of leiding in een sleuf, koker of goot op een diepte van ten minste 0,6 m gelegd.

  2. Kabels en leidingen worden zoveel mogelijk geconcentreerd en gebundeld gelegd.

  3. Als een kabel of leiding parallel aan andere kabels, leidingen of beschermbuizen wordt gelegd, wordt deze op een afstand van ten minste 0,2 m vanaf die kabels, leidingen of beschermbuizen gelegd, gemeten vanaf de buitenzijde van de kabel of leiding.

  4. Als andere kabels of leidingen worden gekruist:

    1. wordt de kabel of leiding onder de bestaande kabels en leidingen aangelegd;

    2. wordt de kabel of leiding op een afstand van ten minste 0,2 m vanaf de bestaande kabels en leidingen gelegd, gemeten vanaf de buitenzijde van de kabel, leiding of beschermbuis; en

    3. wordt de kabel of leiding aangelegd in een beschermbuis als de afstand tot de bestaande kabels, leidingen of mantelbuizen minder dan 0,8 m is, waarbij de buitenzijde van de beschermbuis tot ten minste 0,8 m voorbij de buitenzijde van de bestaande kabels, leidingen of beschermbuizen reikt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Besluit activiteiten leefomgeving