Besluit activiteiten leefomgeving Actueel

Inhoud

§ 7.2.7.5

Lozingen bij graven en saneringen

Artikel 7.61i

  1. Het is verboden de volgende activiteiten te verrichten zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden:

    1. het lozen van afvalwater afkomstig van graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit of boven de interventiewaarde bodemkwaliteit;

    2. het lozen van afvalwater afkomstig van het saneren van de bodem; en

    3. het lozen van afvalwater afkomstig van een grondwatersanering.

  2. Een melding bevat:

    1. de resultaten van de beschikbare voorafgaande bodemonderzoeken;

    2. de locaties van de lozingspunten; en

    3. het maximale lozingsdebiet in kubieke meters per uur.

  3. Het eerste lid is niet van toepassing op het lozen van afvalwater afkomstig van graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit of boven de interventiewaarde bodemkwaliteit, als de lozing minder dan 48 uur duurt.

Artikel 7.61j

  1. Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 7.61i, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 7.3, gegevens en bescheiden verstrekt over de verwachte datum van het begin van de activiteit.

  2. Het eerste lid is niet van toepassing op het lozen van afvalwater afkomstig van graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit of boven de interventiewaarde bodemkwaliteit, als de lozing minder dan 48 uur duurt.

Artikel 7.61k

Met het oog op het voorkomen van verontreiniging van de Noordzee wordt afvalwater afkomstig van een voorafgaand onderzoek voor een grondwatersanering niet geloosd op de Noordzee.

Artikel 7.61l

Voor het afvalwater afkomstig van saneren van de bodem, grondwatersanering of graven in bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit of boven de interventiewaarde bodemkwaliteit dat wordt geloosd op de Noordzee zijn de emissiegrenswaarden de waarden, bedoeld in tabel 7.61l, gemeten in een steekmonster.

Tabel 7.61l Emissiegrenswaarden afvalwater

Stoffen

Emissiegrenswaarde in μg/l

Naftaleen

0,2

PAK’s

1

BTEX

50

Tetrachlooretheen

3

Trichlooretheen

20

1,2-dichlooretheen

20

1,1,1-trichloorethaan

20

Vinylchloride

8

Som van de vijf hier bovenstaande stoffen

20

Monochloorbenzeen

7

Dichloorbenzenen

3

Trichloorbenzenen

1

Minerale olie

1.000

Cadmium

4

Kwik

1

Koper

10

Nikkel

40

Lood

50

Zink

100

Chroom

20

Onopgeloste stoffen

50.000

Artikel 7.61m

  1. Op het bemonsteren van afvalwater is NEN 6600-1 van toepassing, en een monster is niet gefiltreerd.

  2. Op het conserveren van een monster is NEN-EN-ISO 5667-3 van toepassing.

  3. Bij het analyseren van een monster worden onopgeloste stoffen meegenomen, en op het analyseren is van toepassing:

    1. voor naftaleen en BTEX: NEN-EN-ISO 15680;

    2. voor polycyclische aromatische koolwaterstoffen: NEN-EN-ISO 17993;

    3. voor tetrachlooretheen, trichlooretheen, 1,2-dichlooretheen, 1,1,1-trichloorethaan en vinylchloride de som van de vijf hiervoor genoemde stoffen, monochloorbenzeen, dichloorbenzeen en trichloorbenzenen: NEN-EN-ISO 10301 of NEN-EN-ISO 15680, waarbij voor vinylchloride alleen NEN-EN-ISO 15680 kan worden gebruikt;

    4. voor minerale olie: NEN-ISO 9377-2;

    5. voor cadmium, koper, nikkel, lood, zink en chroom: NEN 6966 of NEN-EN-ISO 17294-2 of NEN-EN-ISO 11885, waarbij de elementen worden ontsloten volgens NEN-EN-ISO 15587-1 of NEN-EN-ISO 15587-2;

    6. voor kwik: NEN-EN-ISO 17294-2 of NEN-EN-ISO 12846 of NEN-EN-ISO 17852, waarbij kwik wordt ontsloten volgens NEN-EN-ISO 15587-1 of NEN-EN-ISO 15587-2; en

    7. voor onopgeloste stoffen: NEN-EN 872.

← terug naar Besluit activiteiten leefomgeving