-
Deze paragraaf is van toepassing op het onderhouden en repareren van verbrandingsmotoren of gemotoriseerde voertuigen, vliegtuigen, vaartuigen of werktuigen.
-
Deze paragraaf is niet van toepassing op:
het lassen van metalen, bedoeld in paragraaf 4.16;
het solderen van metalen, bedoeld in paragraaf 4.17;
het mechanisch en thermisch bewerken, bedoeld in paragraaf 4.18;
het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
het schoonmaken van pleziervaartuigen, bedoeld in paragraaf 4.24;
het verwerken van polyesterhars, bedoeld in paragraaf 4.27;
een wasstraat of wasplaats, bedoeld in paragraaf 4.44;
het verwijderen van graffiti, bedoeld in paragraaf 4.45; en
het reinigen van voertuigen of werktuigen voor agrarische activiteiten, bedoeld in paragraaf 4.90.
Besluit activiteiten leefomgeving Actueel
Inhoud
§ 4.22
Artikel 4.356
-
Het is verboden een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 4.355 te verrichten zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden.
-
Dit artikel is niet van toepassing als de activiteit als vergunningplichtig is aangewezen in hoofdstuk 3.
Artikel 4.357
-
Als een gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op maatregelen als bedoeld in artikel 4.359, is:
toestemming als bedoeld in artikel 4.7 van de wet niet vereist; en
het verboden de maatregel te treffen zonder dit ten minste vier weken van tevoren te melden.
-
Een melding bevat:
een beschrijving van de maatregel die zal worden getroffen; en
gegevens waaruit blijkt dat met de gelijkwaardige maatregel ten minste hetzelfde resultaat wordt bereikt als met de voorgeschreven maatregel is beoogd.
Artikel 4.358
Bij het verrichten van een activiteit als bedoeld in artikel 4.355 wordt voldaan aan de regels over:
het eindonderzoek bodem, bedoeld in paragraaf 5.2.1; en
bodembeschermende voorzieningen, bedoeld in paragraaf 5.4.2.
Artikel 4.359
Met het oog op het waarborgen van de veiligheid wordt bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 4.355, voldaan aan PGS 26, als voor de verbrandingsmotor of het voertuig, vaartuig of werktuig CNG of LNG wordt gebruikt als brandstof.
Artikel 4.360
Met het oog op het voorkomen van verontreiniging van de bodem met olie en koelvloeistof worden onderdelen die deze stoffen bevatten onderhouden en gerepareerd boven een aaneengesloten bodemvoorziening.
Artikel 4.361
-
Met het oog op het doelmatig beheer van afvalwater wordt het te lozen afvalwater afkomstig van het onderhouden of repareren van onderdelen van voertuigen geloosd in een vuilwaterriool.
-
Als een maatwerkvoorschrift is gesteld of een voorschrift aan een omgevingsvergunning is verbonden waarin een andere lozingsroute is toegestaan, wordt het te lozen afvalwater geloosd in een vuilwaterriool of via die andere route.
Artikel 4.362
Voor het afvalwater dat wordt geloosd in een vuilwaterriool, is de emissiegrenswaarde voor olie 20 mg/l, gemeten in een steekmonster, of dat afvalwater wordt voor vermenging met ander afvalwater geleid door een slibvangput en olieafscheider:
volgens NEN-EN 858-1 en NEN-EN 858-2; of
die zijn geplaatst voor 2 november 2010 en zijn afgestemd op de hoeveelheid afvalwater die wordt geloosd.
Artikel 4.363
-
Op het bemonsteren van afvalwater is NEN 6600-1 van toepassing, en een monster is niet gefiltreerd.
-
Op het conserveren van een monster is NEN-EN-ISO 5667-3 van toepassing.
-
Bij het analyseren van een monster worden onopgeloste stoffen meegenomen, en op het analyseren is voor olie NEN-EN-ISO 9377-2 van toepassing.
Artikel 4.364
Er is een tekening beschikbaar waarop is aangegeven:
op welke punten welk afvalwater wordt geloosd;
of de punten waarop afvalwater wordt geloosd zijn aangesloten op het eigen vuilwaterriool of een schoonwaterriool; en
op welke lozingsroutes het eigen vuilwaterriool en een schoonwaterriool uitkomen.
Artikel 4.365
-
Met het oog op een doelmatig beheer van afvalstoffen zijn op een locatie voor het onderhouden of repareren van gemotoriseerde voertuigen niet meer dan vier wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen en vier autowrakken of andere voertuigwrakken aanwezig.
-
Het eerste lid is niet van toepassing als het onderhouden of repareren van gemotoriseerde voertuigen plaatsvindt op een locatie waarop ook:
ingezamelde of afgegeven autowrakken of wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen worden gedemonteerd als bedoeld in paragraaf 3.5.1;
autowrakken, wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen en andere voertuigwrakken worden opgeslagen bij het verlenen van hulp voor gemotoriseerde voertuigen als bedoeld in paragraaf 3.8.1; of
autowrakken, wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen en andere voertuigwrakken worden opgeslagen in het kader van onderzoek door politie of justitie.
Artikel 4.366
-
Met het oog op een doelmatig beheer van afvalstoffen worden autowrakken en wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen met de daarin aanwezige materialen of onderdelen niet verwijderd of nuttig toegepast.
-
Het eerste lid is niet van toepassing op:
het opslaan van autowrakken en wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen met de daarin aanwezige materialen of onderdelen;
accessoires die worden gedemonteerd omdat de laatste eigenaar of houder van het autowrak of wrak van een tweewielig gemotoriseerd voertuig hierom anders dan in het uitoefenen van zijn beroep of bedrijf heeft verzocht en met als doel die accessoires opnieuw te gebruiken voor een ander gemotoriseerd voertuig waarvan hij eigenaar of houder is; en
het onderhouden of repareren van gemotoriseerde voertuigen dat plaatsvindt op een locatie waarop ook ingezamelde of afgegeven autowrakken of wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen worden gedemonteerd als bedoeld in paragraaf 3.5.1.