Eisen

Wijze van keuren

1.

Gehandicaptenvoertuigen met een gesloten carrosserie mogen zijn voorzien van:

Onderdelen a tot en met k: visuele controle.

a. één of twee mistachterlichten;

b. twee mistvoorlichten;

c. twee of vier parkeerlichten;

d. één of twee achteruitrijlichten;

e. twee witte retroreflectoren aan de voorzijde van het voertuig;

f. ambergele retroreflectoren aan de zijkanten van het voertuig;

g. één zijrichtingaanwijzer aan elke zijkant van het voertuig indien deze lichten niet reeds ingevolge artikel 5.10.51 verplicht zijn;

h. één derde remlicht;

i. twee dagrijlichten;

j. bochtlichten;

k. hoeklichten.

2.

Gehandicaptenvoertuigen niet voorzien van een gesloten carrosserie, mogen zijn voorzien van:

Onderdelen a tot en met h: visuele controle.

a. twee lichten aan de voorzijde indien het voertuig is voorzien van twee voorwielen, dan wel één licht aan de voorzijde indien het voertuig is voorzien van één voorwiel;

b. twee achterlichten indien het voertuig is voorzien van twee achterwielen, dan wel één achterlicht indien het voertuig is voorzien van één achterwiel;

c. richtingaanwijzers en waarschuwingsknipperlichten;

d. één of twee remlichten;

e. één of twee witte retroreflectoren aan de voorzijde van het voertuig;

f. ambergele retroreflectoren aan de zijkanten van het voertuig.

g. één of twee mistachterlichten;

h. één of twee achteruitrijlichten.

3.

Gehandicaptenvoertuigen mogen zijn voorzien van extra witte retroreflecterende voorzieningen aan de voorzijde, extra rode aan de achterzijde en extra ambergele aan de zijkanten van het voertuig.

Visuele controle.