Eisen

Wijze van keuren

1.

Motorfietsaanhangwagens mogen zijn voorzien van:

a. één mistachterlicht;

b. één of twee witte retroreflectoren aan de voorzijde van het voertuig, en;

c. werklichten, en

d. een derde remlicht, aangebracht zodanig dat:

1°. het zich bevindt op een afstand van ten hoogste 0,15 m vanaf het middenlangsvlak, en

2°. de onderzijde van het lichtdoorlatende gedeelte hoger ligt dan de bovenzijde van de remlichten, bedoeld in artikel 5.15.51, eerste lid, onder c.

Leden 1 en 2:

– Onderdelen a tot en met c: visuele controle.

– Onderdeel d: visuele controle; in geval van twijfel wordt gemeten.

2.

Bromfietsaanhangwagens mogen zijn voorzien van:

a. twee richtingaanwijzers aan de achterzijde van het voertuig, dan wel één richtingaanwijzer aan elke zijkant van het voertuig;

b. één of twee remlichten, en

c. één of twee witte retroreflectoren aan de voorzijde van het voertuig, en

d. een derde remlicht, aangebracht zodanig dat:

1°. dat licht zich bevindt op een afstand van ten hoogste 0,15 m vanaf het middenlangsvlak, en

2°. de onderzijde van het lichtdoorlatende gedeelte hoger ligt dan de bovenzijde van de remlichten, bedoeld in het tweede lid, onder b.

3.

Motorfietsaanhangwagens en bromfietsaanhangwagens mogen zijn voorzien van:

Visuele controle.

a. extra witte retroreflecterende voorzieningen aan de voorzijde,

b. extra rode retroreflecterende voorzieningen aan de achterzijde, en

c. extra retroreflecterende voorzieningen aan de zijkanten van het voertuig, welke ambergeel moeten zijn, met uitzondering van de achterste zijreflector, welke rood mag zijn.