Eisen

Wijze van keuren

1.

De rode retroreflector moet zijn aangebracht:

a. bij fietsen met één achterwiel tussen de bagagedrager en het spatbord, dan wel bij afwezigheid van een bagagedrager op het spatbord op een hoogte van niet minder dan 0,35 m en niet meer dan 0,90 m boven het wegdek, dan wel onder het zadel;

Visuele controle; in geval van twijfel wordt gemeten.

b. bij fietsen met twee achterwielen aan de uiterste linkerzijde, op een hoogte van niet minder dan 0,35 m en niet meer dan 0,90 m boven het wegdek, en

c. bij zijspanwagens aan de uiterste buitenzijde, op een hoogte van niet minder dan 0,35 m en niet meer dan 0,90 m.

2.

De in artikel 5.9.51, tweede lid, onderdeel b, bedoelde witte retroreflector moet zijn aangebracht aan de uiterste linkerzijde van het voertuig.

Leden 2 en 3: visuele controle.

3.

De witte of gele retroreflectoren aan de wielen moeten de omtrek van het wiel volgen en op of zo dicht mogelijk bij de velg zijn aangebracht, zodanig dat zij aan beide zijkanten van het voertuig zichtbaar zijn.