Regeling voertuigen Actueel

Inhoud

§ 9

Carrosserie

Artikel 5.12.41

Eisen

Wijze van Keuren

1.

Het slot en de scharnieren van de deuren en laadbakkleppen van aanhangwagens moeten een goede sluiting waarborgen.

Visuele controle, waarbij de deuren en laadbakkleppen worden geopend en gesloten.

2.

De bevestiging van de scharnieren van de deuren, de laadbakkleppen en de aerodynamische voorziening of uitrusting aan de achterzijde mag niet in ernstige mate door corrosie zijn aangetast. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, hoofdstuk 1, titel 3, afdelingen 1, 2 en 3 van toepassing.

Visuele controle.

3.

Aerodynamische voorzieningen en uitrusting die intrekbaar of inklapbaar zijn, moeten zowel in de ingetrokken of ingeklapte stand als in de gebruiksstand kunnen worden vergrendeld.

Visuele controle, waarbij in beide situaties de vergrendeling wordt bediend.

Artikel 5.12.46

Eisen

Wijze van keuren

De zitplaatsen van aanhangwagens met een maximumconstructiesnelheid van ten hoogste 25 km/h ingericht voor het vervoer van personen moeten deugdelijk aan het voertuig zijn bevestigd. De verstelinrichtingen van de zitplaatsen moeten goed kunnen worden vergrendeld.

Visuele controle.

Artikel 5.12.47

Eisen

Wijze van keuren

Indien aanhangwagens met een maximumconstructiesnelheid van ten hoogste 25 km/h ingericht voor het vervoer van personen zijn voorzien van gordels, moeten deze:

a. deugdelijk zijn bevestigd en mogen deze niet zijn beschadigd. Het pluizen van de gordel wordt niet gezien als een beschadiging; en

b. zijn voorzien van een goed werkende sluiting en een goed werkende blokkering.

Oprolmechanismen moeten zodanig functioneren dat de gordel aanligt na het omdoen ervan.

– Onderdeel a: visuele controle, waarbij een eventuele rolgordel volledig wordt uitgetrokken.

– Onderdeel b: visuele controle. Hierbij wordt de gordel in de sluiting gebracht. Indien de gordel is voorzien van een oprolmechanisme wordt de gordel omgedaan. De blokkering wordt gecontroleerd door te trekken aan de gordel; indien dit geen uitsluitsel biedt, wordt tijdens een remproef op de weg het blokkeren van de gordel gecontroleerd.

Artikel 5.12.48

Eisen

Wijze van Keuren

1.

Aanhangwagens mogen geen scherpe delen hebben die in geval van botsing gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers kunnen opleveren.

Leden 1 en 2: visuele controle.

2.

Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, moeten uitstekende delen van aanhangwagens die in geval van botsing het gevaar voor lichamelijk letsel voor andere weggebruikers aanzienlijk kunnen vergroten, zijn afgeschermd.

3.

Het bepaalde in het eerste lid en tweede lid is niet van toepassing op voertuigdelen die zich hoger dan 2,00 m boven het wegdek bevinden.

Visuele controle, waarbij in geval van twijfel wordt gemeten.

4.

De wielen onderscheidenlijk banden van aanhangwagens moeten deugdelijk zijn afgeschermd en mogen niet aanlopen. Op aanhangwagens die in gebruik zijn genomen na 31 december 1974 is het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 102 tot en met 106c, van toepassing.

Leden 4 tot en met 6: visuele controle.

5.

Aanhangwagens met een toegestane maximummassa van meer dan 3.500 kg, in gebruik genomen na 31 december 1969, moeten zijn voorzien van zijdelingse afscherming. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 107 tot en met 111, van toepassing.

6.

Geen deel aan de buitenzijde van de aanhangwagen mag zodanig zijn bevestigd, beschadigd, versleten of door corrosie zijn aangetast, dat gevaar bestaat voor losraken.

Artikel 5.12.49

Eisen

Wijze van Keuren

1.

Aanhangwagens die na 30 juni 1967 in gebruik zijn genomen, moeten aan de achterzijde zijn voorzien van een deugdelijke stootbalk, indien de afstand van de onderzijde van het voertuig tot het wegdek, gemeten over de volle breedte onder de achterzijde van het onderstel of onder de hoofddelen van het koetswerk op een afstand van meer dan 1,00 m achter het hart van de achterste as, meer bedraagt dan 0,70 m, dan wel meer bedraagt dan 0,55 m, indien het voertuig na 31 december 1997, in gebruik is genomen.

Visuele controle; in geval van twijfel wordt gemeten.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing op vuilniswagens met een laadmogelijkheid aan de achterzijde, dolly’s en asfaltwagens.

3.

De afstand van de onderzijde van de stootbalk tot het wegdek mag voor aanhangwagens, in gebruik genomen na 30 juni 1967 doch vóór 1 januari 1998, niet meer bedragen dan 0,70 m en voor aanhangwagens, in gebruik genomen na 31 december 1997, niet meer bedragen dan 0,55 m.

Leden 3 tot en met 6: visuele controle; in geval van twijfel wordt gemeten.

4.

Indien de aanhangwagen in gebruik is genomen na 31 december 2004, mag de stootbalk niet meer dan 0,45 m voor het achterste punt van het voertuig zijn gelegen. Hierbij worden voertuigdelen boven 2,00 m gemeten vanaf het wegdek buiten beschouwing gelaten. In afwijking van de eerste volzin, mag de stootbalk bij aanhangwagens ingericht als betonmolen, betonmixer of betonpomp niet meer dan 0,60 m voor het achterste punt van het voertuig zijn gelegen.

5.

Indien de aanhangwagen in gebruik is genomen na 30 juni 1967 en voor 1 januari 2005, mag de stootbalk niet meer dan 0,60 m voor het achterste punt van het voertuig zijn gelegen. Hierbij worden voertuigdelen boven 2,00 m gemeten vanaf het wegdek buiten beschouwing gelaten.

6.

De stootbalk mag niet breder zijn noch aan weerszijden meer dan 0,10 m smaller zijn dan:

a. het voertuig op de plaats waar de stootbalk is aangebracht, dan wel

b. de breedte van de breedste achteras, met inbegrip van de wielen waarbij de bolling van de banden boven het wegdek buiten beschouwing wordt gelaten.

In afwijking van het bepaalde in de aanhef, mag de stootbalk bij aanhangwagens bestemd voor het vervoer van wissellaadbakken aan weerszijden niet meer dan 0,20 m smaller zijn.

7.

De stootbalk en de bevestiging daarvan mogen niet zodanig zijn vervormd of breuken of scheuren vertonen, dan wel door corrosie zijn aangetast, dat hierdoor functieverlies optreedt.

Leden 7 en 8: visuele controle.

8.

De uiteinden van de stootbalk mogen niet naar achteren zijn omgebogen.

← terug naar Regeling voertuigen