Wetboek van Strafvordering BES

Inhoud

Artikel 177b

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.
  1. Krachtens de ingevolge artikel 177a gegeven machtiging is een met het strafrechtelijk financieel onderzoek belaste opsporingsambtenaar op vertoon van een afschrift van de machtiging bevoegd, ten einde inzicht te verkrijgen in de vermogenspositie van degenen tegen wie het onderzoek is gericht, aan een ieder te bevelen hem op de eerste vordering:

    1. opgave te doen of inzage of afschrift te geven van bescheiden of gegevens;

    2. op te geven of, en zo ja welke, vermogensbestanddelen hij onder zich heeft of heeft gehad, die toebehoren of hebben toebehoord aan degene tegen wie het onderzoek is gericht, en aldus verstrekte schriftelijke bescheiden in beslag te nemen.

  2. Het bevel wordt niet gericht aan degene tegen wie het onderzoek is gericht.

  3. Artikel 132, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.

  4. Ter gelegenheid van het eerste verhoor van degene tegen wie het onderzoek is gericht, wordt hem door de verhorende rechter of ambtenaar een afschrift van de in artikel 177a bedoelde vordering en machtiging ter hand gesteld.

01-07-2025 Huidig 15-05-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-07-2019 Historisch 01-07-2015 Historisch 01-01-2015 Historisch 15-12-2010 Historisch 10-10-2010 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 10-10-2010.

Tekst van deze versie

  1. Krachtens de ingevolge artikel 177a gegeven machtiging is een met het strafrechtelijk financieel onderzoek belaste opsporingsambtenaar op vertoon van een afschrift van de machtiging bevoegd, ten einde inzicht te verkrijgen in de vermogenspositie van degenen tegen wie het onderzoek is gericht, aan een ieder te bevelen hem op de eerste vordering:

    1. opgave te doen of inzage of afschrift te geven van bescheiden of gegevens;

    2. op te geven of, en zo ja welke, vermogensbestanddelen hij onder zich heeft of heeft gehad, die toebehoren of hebben toebehoord aan degene tegen wie het onderzoek is gericht, en aldus verstrekte schriftelijke bescheiden in beslag te nemen.

  2. Het bevel wordt niet gericht aan degene tegen wie het onderzoek is gericht.

  3. Artikel 132, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.

  4. Ter gelegenheid van het eerste verhoor van degene tegen wie het onderzoek is gericht, wordt hem door de verhorende rechter of ambtenaar een afschrift van de in artikel 177a bedoelde vordering en machtiging ter hand gesteld.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafvordering BES