-
Wanneer de rechter in eerste aanleg het proces-verbaal, houdende de verklaring die door een getuige op de voet van het bepaalde in het vierde lid van artikel 261 is afgelegd, niet tot het bewijs van het strafbare feit heeft toegelaten, vindt artikel 339 in hoger beroep overeenkomstige toepassing.
-
Is een niet eerder verhoorde getuige alsnog, na een daartoe strekkende beslissing van de rechter in eerste aanleg, door de rechter-commissaris met toepassing van het vierde lid van artikel 261 verhoord, dan vindt artikel 338 in hoger beroep overeenkomstige toepassing.
Inhoud
Artikel 340
Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.
01-07-2025
Huidig
15-05-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-07-2019
Historisch
01-07-2015
Historisch
01-01-2015
Historisch
15-12-2010
Historisch
10-10-2010
Historisch
Tekst van deze versie
-
Wanneer de rechter in eerste aanleg het proces-verbaal, houdende de verklaring die door een getuige op de voet van het bepaalde in het vierde lid van artikel 261 is afgelegd, niet tot het bewijs van het strafbare feit heeft toegelaten, vindt artikel 339 in hoger beroep overeenkomstige toepassing.
-
Is een niet eerder verhoorde getuige alsnog, na een daartoe strekkende beslissing van de rechter in eerste aanleg, door de rechter-commissaris met toepassing van het vierde lid van artikel 261 verhoord, dan vindt artikel 338 in hoger beroep overeenkomstige toepassing.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.