-
De opsporingsambtenaren hebben te allen tijde toegang tot alle plaatsen, waarvan naar hun redelijk oordeel de betreding nodig is voor de vervulling van hun taak. De commandant en de schipper kunnen ter aanhouding van de verdachte of ter inbeslagneming alle plaatsen betreden, waarvan te dien einde de betreding naar hun redelijk oordeel nodig is.
-
De artikelen 155 tot en met 160 blijven buiten toepassing. De artikelen 162 en 163 zijn ten aanzien van de commandant en de schipper van overeenkomstige toepassing.
Inhoud
Artikel 539
Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.
01-07-2025
Huidig
15-05-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-07-2019
Historisch
01-07-2015
Historisch
01-01-2015
Historisch
15-12-2010
Historisch
10-10-2010
Historisch
Tekst van deze versie
-
De opsporingsambtenaren hebben te allen tijde toegang tot alle plaatsen, waarvan naar hun redelijk oordeel de betreding nodig is voor de vervulling van hun taak. De commandant en de schipper kunnen ter aanhouding van de verdachte of ter inbeslagneming alle plaatsen betreden, waarvan te dien einde de betreding naar hun redelijk oordeel nodig is.
-
De artikelen 155 tot en met 160 blijven buiten toepassing. De artikelen 162 en 163 zijn ten aanzien van de commandant en de schipper van overeenkomstige toepassing.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.