Wetboek van Strafvordering BES

Inhoud

Artikel 470

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.
  1. In geen geval mag een straf worden opgelegd, die de bij het vernietigde vonnis opgelegde te boven gaat.

  2. Indien bij samenloop van meerdere feiten een hoofdstraf is uitgesproken en de herziening slechts gevraagd is ten aanzien van een of meer van die feiten, wordt, in geval van vernietiging, bij de uitspraak in herziening de straf voor het andere feit of de andere feiten bepaald.

  3. Indien uit het nieuwe onderzoek blijkt dat de verdachte een ander strafbaar feit heeft gepleegd dan waarvoor hij veroordeeld is en dat strafbare feit hem oorspronkelijk mede was ten laste gelegd zonder dat daarover was beslist, doet het Hof te dier zake uitspraak en kan hem wegens dat feit veroordelen, zonder dat echter de straf zwaarder mag zijn dan welke bij het vernietigde vonnis is opgelegd.

  4. Bij de uitspraak wordt bepaald dat de reeds vroeger krachtens de vernietigde uitspraak voor het feit ondergane straf, en de krachtens artikel 465 ondergane voorlopige hechtenis in mindering zal worden gebracht.

01-07-2025 Huidig 15-05-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-07-2019 Historisch 01-07-2015 Historisch 01-01-2015 Historisch 15-12-2010 Historisch 10-10-2010 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 10-10-2010.

Tekst van deze versie

  1. In geen geval mag een straf worden opgelegd, die de bij het vernietigde vonnis opgelegde te boven gaat.

  2. Indien bij samenloop van meerdere feiten een hoofdstraf is uitgesproken en de herziening slechts gevraagd is ten aanzien van een of meer van die feiten, wordt, in geval van vernietiging, bij de uitspraak in herziening de straf voor het andere feit of de andere feiten bepaald.

  3. Indien uit het nieuwe onderzoek blijkt dat de verdachte een ander strafbaar feit heeft gepleegd dan waarvoor hij veroordeeld is en dat strafbare feit hem oorspronkelijk mede was ten laste gelegd zonder dat daarover was beslist, doet het Hof te dier zake uitspraak en kan hem wegens dat feit veroordelen, zonder dat echter de straf zwaarder mag zijn dan welke bij het vernietigde vonnis is opgelegd.

  4. Bij de uitspraak wordt bepaald dat de reeds vroeger krachtens de vernietigde uitspraak voor het feit ondergane straf, en de krachtens artikel 465 ondergane voorlopige hechtenis in mindering zal worden gebracht.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafvordering BES