Wetboek van Strafvordering BES Actueel

Inhoud

Tweede Afdeling

Keuze van de raadsman

Artikel 59

  1. De verdachte is te allen tijde bevoegd een of meer raadslieden te kiezen.

  2. Tot de keuze van een of meer raadslieden is ook de wettige vertegenwoordiger van de verdachte bevoegd.

  3. Is de verdachte verhinderd van zijn wil te dien aanzien te doen blijken en heeft hij geen wettige vertegenwoordiger, dan is zijn echtgenoot of de meest gerede van zijn bloed- of aanverwanten, tot de vierde graad ingesloten, tot die keuze bevoegd.

  4. De ingevolge het tweede of derde lid gekozen of de ingevolge de artikelen 61 tot en met 68 toegevoegde raadsman treedt af, zodra de verdachte zelf een raadsman heeft gekozen.

  5. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden geregeld, op welke wijze van een keuze ingevolge het eerste, tweede of derde lid dient te blijken.

Artikel 60

  1. De gekozen raadsman geeft, zolang het opsporingsonderzoek duurt, van zijn optreden als zodanig schriftelijk kennis aan de officier van justitie en aan de in de zaak betrokken hulpofficier. Gelijke kennisgeving geschiedt als de raadsman niet meer voor een bepaalde verdachte optreedt.

  2. Indien hij een gekozen of toegevoegde raadsman vervangt, geeft hij ook daarvan overeenkomstig het eerste lid kennis aan de daar bedoelde personen en aan de vervangen raadsman. Door deze mededeling neemt de werkzaamheid van de vervangen toegevoegde of vroeger gekozen raadsman een einde.

← terug naar Wetboek van Strafvordering BES