Wetboek van Strafvordering BES Actueel

Inhoud

Par. 4

Buitengerechtelijke procedure

Artikel 592a

  1. Indien de in de vreemde staat opgelegde sanctie uitsluitend strekt tot de betaling van een geldboete, eventueel onder bedreiging met een vervangende tot vrijheidsontneming strekkende sanctie, wordt deze ten uitvoer gelegd krachtens een beslissing van de procureur-generaal.

  2. Alvorens een beslissing te nemen ingevolge het eerste lid stelt de procureur-generaal de veroordeelde in de gelegenheid te worden gehoord.

  3. De procureur-generaal drukt overeenkomstig het bepaalde in het toepasselijke verdrag het bedrag van de geldboete uit valuta van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Indien het verdrag daaromtrent geen voorschriften bevat bepaalt de procureur-generaal de hoogte van het bedrag volgens de wisselkoers die gold op het tijdstip van veroordeling in de vreemde staat. Als wisselkoers geldt de middenkoers zoals dagelijks vastgesteld en genoteerd door de Europese Centrale Bank.

  4. Voor valuta waarvan de wisselkoers niet dagelijks door de Europese Centrale Bank wordt vastgesteld en genoteerd geldt de wisselkoers die wordt verkregen uit de waarde in speciale trekkingsrechten van de desbetreffende valuta op de laatste werkdag van de maand waarin de teenuitvoer te leggen sanctie in de vreemde staat werd opgelegd.

Artikel 592b

  1. De ingevolge artikel 592a genomen beslissing en de dag waarop het daarbij vastgestelde bedrag moet worden voldaan, worden vanwege de procureur-generaal zo spoedig mogelijk aan de veroordeelde ter kennis gebracht.

  2. Tegen de beslissing van de procureur-generaal kan de veroordeelde binnen veertien dagen nadat zich een omstandigheid heeft voorgedaan, waaruit voortvloeit dat de beslissing hem bekend is, een bezwaarschrift indienen bij het Hof, indien de opgelegde geldboete het bedrag van USD 27,93 overschrijft.

  3. Op de wijze van indiening en intrekking van een bezwaarschrift zijn de artikelen 445, tweede lid, 446 tot en met 451 van overeenkomstige toepassing.

  4. Op de behandeling van het bezwaarschrift zijn de artikelen 38 tot en met 42, 47 en 48 van overeenkomstige toepassing.

  5. Verklaart het Hof het bezwaar gegrond, dan vernietigt het de beslissing van de procureur-generaal of vult deze aan met inachtneming van het bepaalde in artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht BES. Acht het, ondanks vernietiging de tenuitvoerlegging wel toelaatbaar, dan doet het Hof hetgeen de procureur-generaal had behoren te doen. In alle gevallen dat het Hof de tenuitvoerlegging van een geldboete toelaatbaar verklaard, bepaalt het tevens de duur van de vervangende hechtenis.

  6. De artikelen 591, derde lid, en 592, zijn van toepassing.

Artikel 592c

  1. Beslissingen als bedoeld in artikel 592a kunnen zodra zij zijn genomen worden ten uitvoer gelegd, tenzij het toepasselijke verdrag anders bepaalt. Door het indienen van een bezwaarschrift binnen de daarvoor gestelde termijn wordt de tenuitvoerlegging opgeschort.

  2. Beslissingen genomen krachtens artikel 592a worden ten uitvoer gelegd met inachtneming van het bij of krachtens dit wetboek omtrent de tenuitvoerlegging van geldboeten bepaalde, met uitzondering van het derde lid van artikel 630.

Artikel 592d

Indien tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis moet worden overgegaan doet de procureur-generaal met het oog daarop een vordering overeenkomstig artikel 583, tenzij het Hof krachtens artikel 592b, vijfde lid, de duur van de vervangende hechtenis reeds heeft bepaald.

Artikel 593

  1. Voor zover een verdrag daarin uitdrukkelijk voorziet kan, op aanwijzing van Onze Minister, de tenuitvoerlegging of verdere tenuitvoerlegging van een in een vreemde staat opgelegde tot vrijheidsontneming strekkende sanctie in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba plaatsvinden buiten toepassing van paragraaf 3 van deze afdeling.

  2. De in het eerste lid bedoelde aanwijzing kan slechts worden gegeven, indien uit een door de veroordeelde ondertekende verklaring blijkt dat hij met zijn instemming naar Bonaire, Sint Eustatius en Saba is overgebracht met het oog op de tenuitvoerlegging van de hem opgelegde sanctie.

  3. De in het eerste lid bedoelde aanwijzing kan slechts worden gegeven, nadat advies is ingewonnen van het Hof.

  4. Hangende de beslissing tot het geven van een aanwijzing kan de veroordeelde met toepassing van de artikelen 575 tot en met 579 voorlopig zijn vrijheid worden ontnomen.

  5. Indien op advies van het Hof het geven van een aanwijzing achterwege blijft, nemen leden van het Hof die terzake hebben geadviseerd, niet aan de behandeling van de door de procureur-generaal overeenkomstig artikel 583 ingediende vordering deel.

  6. De tenuitvoerlegging van de in het eerste lid bedoelde sanctie geschiedt op last van de procureur-generaal.

← terug naar Wetboek van Strafvordering BES